Een reisje door de IE-jungle: don’t feed the animals!

Door Julia van der Veen

Je zou het niet denken, maar ook dieren kunnen IE-rechtelijk beschermd worden. Heb je daar ooit bij stilgestaan bij het pakken van een bokkenpootje, apenkop of roze biggetje? Eentje kun je er nog wel eten zonder een schuldgevoel te krijgen maar meer gevaarlijke dieren zoals poema’s, tijgers of dino’s kun je misschien maar beter niet uit hun verpakking lokken. Een illustratie van drie IE-dierenzakendon’t feed the animals!

Puma’s

In de IE-jungle begon het natuurlijk allemaal met het HvJEU-arrest Puma/Sabel uit 1997 waarin de vraag voorlag of de springende roofkat van Sabel inbreuk maakte op de poema van Puma. Het HvJEU oordeelde dat hoe groter de onderscheidingskracht van een merk is, hoe groter het verwarringsgevaar is. Dat verwarringsgevaar moet beoordeeld worden aan de hand van de visuele, auditieve en begripsmatige gelijkenis en de totaalindruk die de merken oproepen. De gemiddelde consument neemt namelijk een merk in zijn geheel waar en let niet op de verschillende details ervan.

Tijgers & giraffen

Dat in gedachte hebbende, was er eens de Tijgernoot van het welbekende merk Duyvis. De bamischijf onder de borrelhappen, de snack die je alleen maar eet als al het andere écht op is en waarvan je nooit weet of het nou de baconkaas, de BBQ-paprika of de paprikafiestavariant is. Op een dag verscheen ergens in de bovenste schappen in de Aldi-supermarkten de Girafnoot. Verkrijgbaar in de smaak baconkaas, in vergelijkbare kleur– en vorm en vormgegeven in dezelfde junglegroene verpakking als de Duyvis Tijgernoot. Over auteursrecht op (bacon)-kaassmaak valt natuurlijk niet te twisten, zo leerden wij van de Heksenkaas-affaire. Frito-Lay, de eigenaar van Duyvis stak zijn claim dan ook merkenrechtelijk in.

Tijger woordmerk

De Gelderse rechter oordeelde op 27 maart jl. allereerst dat het woordmerkTijgernootjes’ niet zó bekend is dat het tot soortnaam verworden is. Jammer genoeg verwees Intersnack, het bedrijf achter de Girafnoot bij zijn claim slechts naar een bronloze publicatie (hier te vinden) waar het Tijgernootje wordt gedefinieerd als ‘een borrelnoot waarvan het krokante laagje meerdere kleuren heeft. Waarschijnlijk heeft de advocaat van Intersnack bij zijn spreekbeurten, al dan niet over borrelnootjes, op de basisschool niet geleerd dat Wikipedia geen betrouwbare bron is. Daarnaast oordeelde de rechter dat het teken Girafnoot geen inbreuk maakt op het woordmerk Tijgernoot. Tijgers en giraffen stemmen auditief, begripsmatig en visueel verrassend genoeg niet voldoende overeen waardoor er geen verwarringsgevaar ontstaat.

Tijger vorm- en beeldmerk

Over het uiterlijk van de Tijgernoot bleef Frito-Lay op haar strepen staan. Het bedrijf beriep zich op het samengestelde vorm en kleurmerk van de Tijgernoot: de geschakeerde oranje, bruine en gele kleurcombinatie toegepast op de specifieke ronde nootvorm. De rechter oordeelde dat het patroon van de tijgernoot voldoende karakteristiek en herkenbaar is voor het publiek en dat Tijgernootjes dus voldoende onderscheidend vermogen hebben. Dit ondanks dat het onmogelijk is om fabrieksmatig alle noten er hetzelfde uit te laten zien.

Intersnack betoogde dat door toepassing van het procedé waar Frito-Lay een – inmiddels verlopen octrooi op heeft, de tijgernootjes naar hun aard een fraai en aantrekkelijk gevlekt uiterlijk hebben. Door een merkenrecht toe te kennen op het gevlekte uiterlijk van de Tijgernootjes, zou zo via dat merkenrecht een algemene beschikbaarheid van innovatie – lees de mogelijkheid om nootjes een gevlekt uiterlijk te geven – tegen worden gehouden. Jammer genoeg ging de rechter hier verder niet op in. Wel oordeelde deze in lijn van het Louboutin-arrest van het HvJEU dat het niet alleen om een bescherming van de vorm van de Tijgernoot gaat, maar juist om het kleurpatroon op die ronde tijgernootvorm. Zo ontkomt Frito-Lay dus aan ‘aard van de waar’ en de ‘wezenlijke waarde van de waar’-beperkingen. Helaas is de Tijgernoot al ingeschreven voor 1 maart 2019 waardoor de rechter het gewijzigde BVIE-artikel buiten beschouwing laat waarin niet alleen de vorm maar ook ‘een ander kenmerk’ van het product moet worden meegenomen in de beoordeling. We zullen dus nooit weten of de rechter de kleurencombinatie te mooi zou vinden om voor merkenrechtelijke bescherming in aanmerking te komen.

Al met al zal het publiek, al dan niet borrelnootliefhebber, in Girafnootjes hetzelfde patroon herkennen als in Tijgernootjes, terwijl de verschillen tussen individuele noten aan de aandacht van de gemiddelde consument zullen ontsnappen. Daarmee is, naar het oordeel van de rechtbank, sprake van identieke merken en zetten de tijgers de giraffen buitenspel. Op de vraag of de Tijgernoot een bekend merk is geeft de rechter helaas geen antwoord. Als de consument alleen al een verband tussen de Tijger- en Girafnoot ziet dan zou dat al op zich al een sterke aanwijzing voor merkinbreuk zijn geweest. En tsja, de gemiddelde consument weet dat Wikipedia, waar onder het kopje borrelnoot slechts de Tijgernoot en niet de Girafnoot staat vermeld, toch wel wereldfaam genereert.

Dino’s

Dan nog even een kort uitstapje naar het warme zuiden van Europa, waar de Catalanen nog in het Dinotijdperk leven. Daar oordeelde de Commercial Court of Barcelona in een met de Tijgernootjes vergelijkbare zaak dat een dinosauruskoekje niet gemonopoliseerd kan worden.

Dino woordmerk

Allereerst oordeelde de rechter dat het woordmerk ‘Dinosaurus’ van Artiach, het moederbedrijf van de Dinos, auditief, visueel en begripsmatig niet voldoende overeenstemt met het teken ‘Galle Sauros’ van Florbu. De woorden klinken immers anders en een galle sauros is toch echt niet hetzelfde als een dinosaurus.

Dino beeld- en vormmerk

Ook besloot de Spaanse rechter dat het beeldmerk wat Artiach inriep niet het driedimensionale merk op de koekjes omvat, maar slechts een vrij algemene weergave van dinosaurussen. Tsja, daar win je het niet mee. De dinosaurusvorm bleek onvoldoende onderscheidend vermogen te bezitten en Artiach kon geen inbreuk claimen op basis van haar dinosaurus-merkenrecht.

Ook nam de rechter in zijn beoordeling nog mee dat Dinosauruskoekjes in zakjes zijn verpakt en bestemd zijn als tussendoortje, terwijl Galle Sauros koekjes meer bedoeld zijn om thuis te eten als cornflakes. Ook de verpakking van de Galle Sauros koekjes maakte dus geen inbreuk op de verpakking van de Dinos en zo ontsnapten de Galle Saurossen aan een grote meteorietinslag.

Don’t feed the animals they feed you

Concluderend is de moraal van het verhaal: laat jezelf lekker gaan als je na het lezen van dit verhaal toch nog zin hebt in een Tijgernootje of een Dinokoekje. Uiteindelijk gaat het namelijk allemaal om de smaak, die nog wel vrij rond kan lopen in de IE-jungle. Girafnootjes zijn wel even tijdelijk uit de schappen, maar wie weet verschijnt er binnenkort toevallig een meer onschuldige hamster- of cavia borrelnootvariant waarvan het verwarringsgevaar met de tijger al helemaal niet aan de orde is. En wat betreft de Dino’s, die zijn toch uitgestorven, dus maak je geen zorgen!

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie