Delfi. Een beschouwing van het definitieve stempel

Blogpost Delfi

© credit: petermurphy

 

Op 16 juni gaf de Grote Kamer van het Europese Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) een definitief oordeel over de ruim negen jaar voortslepende procedure tussen Delfi.ee (een Estse online nieuwsportaal, vergelijkbaar met Nu.nl) en de Estse staat. Aanleiding was een nationale procedure waarin Delfi.ee aansprakelijk gesteld werd voor schade voortvloeiende uit haatdragende reacties. De reacties waren door (anonieme) gebruikers onder een artikel op de nieuwssite geplaatst. Al in 2013 oordeelde het EHRM dat die aansprakelijkstelling géén onaanvaardbare afbreuk aan het recht op vrije meningsuiting doet. Ondanks kritische brieven van ruim zeventig organisaties, waaronder Reuters, Forbes en Google, laat de Grote Kamer dat oordeel (onder een aangescherpte motivering) nu in stand. Door sommigen werd de afgelopen weken hevig op de uitkomst van de zaak gereageerd. Anderen spraken van een storm in een glas water. Wie te geloven en is er reden tot paniek?

De feiten
Een publicatie op Delfi.ee getiteld “SLK doorbreekt geplande ijswegen” leidde in 2006 tot de nodige verontwaardiging onder de Estse bevolking. Kort samengevat was daarin te lezen dat veerpontbedrijf SLK haar vaarroutes zo had uitgekozen, dat verschillende ijswegen tussen het vasteland en de eilanden in de Baltische Zee, zouden worden doorkruist. In plaats van een snel en goedkoop transport over het bevroren zeewater zou men daardoor ’s winters een kaartje voor de veerpont moeten kopen. Hoewel het artikel inhoudelijk gebalanceerd was, lieten een aantal lezers zich in het reactiepaneel minder genuanceerd uit over de kwestie. Zij richtten zich voornamelijk tot de grootaandeelhouder van het bedrijf en schreven onder meer: “A good man lives long, a shitty man a day or two”, “rascal!!!” en “I pee into the L.’s ear and then I also shit onto his head”.

Na zes weken schrijft een aandeelhouder het platform aan waarbij deze Delfi.ee verzoekt de reacties te verwijderen. Daarnaast vordert de aandeelhouder een schadevergoeding van omgerekend ongeveer 32.000 euro. Het eerste verzoek wordt direct ingewilligd, maar de schadevergoeding wordt niet betaald. In de juridische procedure die volgt, beroept Delfi.ee zich op uitsluiting van aansprakelijkheid voor internettussenpersonen (het wetsartikel is vergelijkbaar met het Nederlandse artikel 6:196c BW). De hoogste Estse rechter oordeelt uiteindelijk dat het platform met een traditionele (kranten)uitgever kan worden vergeleken en veroordeelt Delfi.ee tot betaling van een sterk gematigde vergoeding van 320 euro.

Behandeling door de gewone kamer
Bij het EHRM staat de vraag centraal of de aansprakelijkstelling van de nieuwssite een al dan niet toelaatbare inbreuk vormt op artikel 10 EVRM. Uiteindelijk komt het daarbij aan op de noodzakelijkheidstoets uit lid 2 en dus op een belangenafweging waarbij journalistieke vrijheid en privacy centraal staan. De redeneerlijn die het EHRM bij deze afweging kiest, kent verschillende pijnpunten en heeft de nodige ophef veroorzaakt.

Een belangrijk onderdeel van de kritiek hangt samen met de maatregelen die Delfi.ee genomen heeft om zich tegen onrechtmatige reacties te weren. Want hoewel het gepubliceerde artikel inhoudelijk aan de journalistieke normen voldeed, had de nieuwssite volgens het EHRM meer rekening moeten houden met de negatieve reacties die daarop zouden volgen. Een discutabele constatering, omdat Delfi.ee verschillende stappen heeft gezet om van een dergelijk verwijt geschoond te blijven. Zo gebruikte zij een automatisch woordenfilter, hanteerde zij duidelijke terms and conditions en had zij een zogenaamd notice and take down-systeem op haar site geïmplementeerd. Als dergelijke technische maatregelen niet volstaan, rijst de vraag wat Delfi.ee dan wél had moeten doen. De websitehouder zou alle reacties voorafgaand, of kort na plaatsing, natuurlijk handmatig kunnen controleren. Maar leidt proactief monitoren, gecombineerd met het risico van een aansprakelijkheidsclaim niet tot een belangrijk chilling effect? Als alternatief zou de functionaliteit om (anoniem) op artikelen te reageren volledig uitgeschakeld kunnen worden. Van belang is echter dat anonimiteit een onderdeel van het recht op vrijheid van meningsuiting vormt; ook deze oplossing gaat vanzelfsprekend ten koste van het publieke debat.

Oordeel van de Grote Kamer
Met de beoordeling van 16 juni kreeg de zaak zijn definitieve stempel opgedrukt. Hoewel het eerdere oordeel standhoudt, legt de Grote Kamer wel enkele relativerende nadrukken. Zo onderstreept de Grote Kamer dat Delfi.ee een (hele) grote, commerciële en professionele partij is die zijn lezers uitnodigt om op de gepubliceerde artikelen te reageren. Op andersoortige websites mag de redeneerlijn niet analoog worden toegepast.

“The Court emphasises that the present case relates to a large professionally managed Internet news portal run on a commercial basis which published news articles of its own and invited its readers to comment on them. Accordingly, the case does not concern other fora on the Internet where third-party comments can be disseminated, for example an Internet discussion forum or a bulletin board (…); or a social media platform where the platform provider does not offer any content.”

Hoewel de reikwijdte van het eerdere arrest op deze manier wordt aangescherpt en ingeperkt, verandert er aan de essentie van de kwestie niets. Voor (nieuws)sites die met Delfi.ee vergeleken kunnen worden, geldt in Straatsburg: technische maatregelen en/of optreden achteraf is onvoldoende. De belangrijkste vraag die nu resteert, is of de theoretische bezwaren die aan het oordeel kleven ook zullen doorwerken in de praktijk.

 

© geschreven door Bram de Vos; redacteur Inform@il.

SVIR wordt mogelijk gemaakt door:

  • Brinkhof
  • Van Doorne
  • IViR
  • IE-Forum
  • De Brauw
  • Stibbe
  • DLA
  • Considerati
  • Bird en Bird Coffee Break
  • Simmons Simmons
  • Backer McKenzie
  • Klos CS
  • HOYNG